volg ons via:
linkedin RSS News Feed
nieuwsbrief
stoof

Aanpak laaggeletterdheid flexbranche

printer Print

Zonder lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden kun je niet functioneren in deze samenleving. Laaggeletterdheid komt voor in alle geledingen van de samenleving. Mogelijk raakt het ook één van jouw flexkrachten. Als intercedent speel je een belangrijke rol in het herkennen van onvoldoende basisvaardigheden, want de (toekomstige) flexwerker schrijft zich bij jou in of informeert naar een vacature.

 

Om laaggeletterdheid onder flexkrachten aan te pakken heeft STOOF, samen met Stichting Lezen & Schrijven en diverse taalaanbieders, een werkwijze afgestemd:

Flexkrachten die het lezen en/of het schrijven niet of in onvoldoende mate beheersen, worden via hun eigen intercedent doorverwezen naar een taalaanbieder voor een taaltraining. De taalaanbieder voert een intakegesprek met de flexkracht en geeft aansluitend advies over een passende taaltraining. Een passende taaltraining kan zowel gratis als betaald zijn. Dit is mede afhankelijk van het taalniveau van de kandidaat. Met een passende taaltraining staat de flexkracht steviger op de arbeidsmarkt en heeft hij of zij een basis gelegd om zich verder te ontwikkelen.


Wat kun je doen?

Stel vast of er een taalachterstand is. Er is een toolbox samengesteld waarmee de intercedent of consulent heel snel kan achterhalen of er sprake is van een taalachterstand, zowel voor Nederlands- als anderstalige flexkrachten.

 

Maak de taalachterstand bespreekbaar. Vertel dat het niet raar is en dat er veel mensen zijn die niet kunnen lezen en schrijven en dat het nooit te laat is om er iets aan te doen. Geef aan dat er speciale cursussen zijn voor volwassenen, waar het er heel anders toegaat dan vroeger op school. Meld jouw flexkracht aan voor een intakegesprek bij een taalaanbieder in de regio. Aanmelden kan via dit aanmeldformulier.

 

Extra actie

De gebrekkige beheersing van basisvaardigheden in de Nederlandse taal is een groot probleem in Nederland. Dat kan alleen worden opgelost als iedereen daaraan meewerkt. Ook in het databestand van de flexorganisaties zitten veel mensen die de Nederlandse taal onvoldoende beheersen. Om dit onderwerp bij flexkrachten onder de aandacht te brengen heeft STOOF, samen met de Stichting Lezen & Schrijven een voorbeeldbrief ontwikkeld, die elke flexorganisatie eenvoudig kan voorzien met het eigen logo en kan sturen naar hun flexkrachten. Deze brief is speciaal geschreven zodat laaggeletterden de brief goed kunnen begrijpen (zie voorbeeldbrief Leer beter lezen en schrijven).

Werkwijze
  1. Kijk voor taalaanbieders bij jou in de omgeving.
  2. Vul een aanmeldformulier in.
  3. De flexkracht ontvangt een uitnodiging voor een intakegesprek van de taalaanbieder.
  4. U ontvangt de terugkoppeling van het intakegesprek over welke taaltraining geschikt is voor uw flexkracht.
Toolbox
Om hoeveel mensen gaat het in Nederland?

In Nederland zijn naar schatting 1,5 miljoen volwassenen laaggeletterd. Deze mensen hebben grote moeite met lezen en schrijven, waardoor zij op hun werk en in de samenleving minder goed functioneren. Van de laaggeletterden hebben 1 miljoen mensen een Nederlandse achtergrond. Een half miljoen mensen hebben een niet Nederlandse achtergrond. Dat betekent dat ongeveer 1 op de 10 mensen in Nederland laaggeletterd is. Van de werkenden is 1 op de 15 mensen laaggeletterd, dat is zo’n 6% van de beroepsbevolking.

De Stichting van de Arbeid heeft een onderzoek laten doen naar de bestrijding van laaggeletterdheid in verschillende sectoren en bedrijven. Klik hier om dit rapport te lezen.

Waarom is het belangrijk dat een werknemer kan lezen en schrijven?

Laaggeletterden hebben moeite met het lezen van nieuwsbrieven, veiligheidsinstructies, transportschema's, roosters, het schrijven van een sollicitatiebrief of het invullen van werkbriefjes. Laaggeletterden missen hierdoor informatie, lopen vaker een veiligheidsrisico, kunnen zichzelf minder goed ontplooien in hun werk en zijn minder goed in staat noodzakelijke scholing te volgen.

Hoe weet ik of een flexwerker lees- en schrijfproblemen heeft?

Iemand die niet goed kan lezen en schrijven loopt daar niet mee te koop. Hij denkt vaak dat hij de enige is, schaamt zich er voor en doet veel moeite om het te verbergen. Hiervoor heeft een laaggeletterde vaak een arsenaal aan 'trucs' ontwikkeld. Aan de volgende signalen kun je herkennen of een flexkracht laaggeletterd zou kunnen zijn:

De flexkracht:

  • heeft moeite met het invullen van een werkbriefje;
  • kan geen CV maken of sollicitatiebrief schrijven;
  • wil geen testen maken op de computer;
  • leest geen veiligheidsinstructie, werkinstructie of nieuwsbrieven;
  • heeft geen belangstelling voor het volgen van cursussen;
  • komt afspraken niet na;
  • blijft mondeling om uitleg vragen, ook al heeft hij (toegang tot) schriftelijke informatie;
  • wil eenvoudige formulieren liever mee naar huis nemen om in te vullen.

Misschien heb je te maken met een ongeïnteresseerde of onzekere flexkracht, maar het kan ook een flexkracht zijn die een probleem heeft met lezen en schrijven. Wil je meer zekerheid? Laat dan de flexkracht een korte schrijfopdracht of de taalscan doen.

 

Mocht je materialen nodig hebben zoals posters en herkenningswijzers of wil je dat de stichting met jou meedenkt? Neem dan contact op met:

Stichting Lezen & Schrijven
070-3022666 of stuur een mail.
Website Stichting lezen & schrijven