volg ons via:
linkedin RSS News Feed
nieuwsbrief
stoof

Project Flexkrachten Techniek 2012-2014

printer Print

Per 1 juli 2012 is de Pilot Techniek 2010-2011 voortgezet in het Project Flexkrachten Techniek 2012-2014. Op basis van de mooie resultaten van de pilot (tijdens de pilot zijn ruim 150 leerwerktrajecten gerealiseerd) heeft STOOF samen met de technische opleidingsfondsen OOM en A+O Metalektro hiertoe besloten. Het doel van deze samenwerking blijft het bevorderen van extra instroom door leerwerktrajecten (BBL) bij erkende leerbedrijven. Het streven is om met gezamenlijke inspanningen in de periode van 1 juli 2012 tot 1 oktober 2014 ruim 400 leerlingen in de techniek op te leiden.


Er zijn 12 flexorganisaties die aan het project deelnemen: Connect, DIT Bouw en Techniek, DMJob, Maintec, Olympia, Otter Westelaken, PDZ, Randstad, Start People, SWA, Tempo-Team en Werk en Vakmanschap. Van deze organisaties hebben er zes deelgenomen in de pilots van 2010 en 2010/2011. Samen met de zes nieuwe partijen is er een mooie mix van kennis en kunde ontstaan om het project succesvol te laten verlopen.


Het unieke aan de samenwerking tussen de flexbranche en de technische branche is dat de opdrachtgever bij het beschikbaar stellen van een leerwerkbaan een financiële bijdrage voor de flexkracht ontvangt vanuit het eigen technische scholingsfonds (OOM of A+O Metaelektro). De flexorganisaties ontvangen voor hun mentorbegeleiding vanuit STOOF een financiële bijdrage. Deze vergoedingen maken de drempel laag om, ondanks economisch minder goede tijden, kwantitatieve en kwalitatieve instroom te realiseren. Daarnaast blijkt uit onderzoek* dat er veel voordelen zijn voor zowel de flexkracht als voor de sector. Enkele voordelen zijn kostenbesparing bij werving/selectie, intensievere begeleiding, goede motivatie, langdurige plaatsingen en betere doorplaatsingsmogelijkheden.


Van de deelnemende flexorganisaties wordt onder andere verwacht dat zij aantoonbare ervaring hebben met (technische) leerwerktrajecten, bij voorkeur beschikken over een landelijke spreiding en/of netwerk en dat zij minimaal 20 leerling/flexkrachten in een BBL-traject op niveau 2,3 of 4 kunnen plaatsen tussen 1 juli 2012 en 1 oktober 2014.

 

Voortdurend wordt onderzoek gedaan naar de resultaten van dit project. Inmiddels is er een tussentijdse evaluatie beschikbaar. Deze evaluatie en meer informatie over het voorgaande onderzoeksrapport is hier e vinden.

 

 


2011 Pilot Technische O&O fondsen 2010-2011

 

STOOF heeft samen met de technische opleidingsfondsen OOM en A+O Metalektro de pilot ‘Flexibel in de techniek’ opgezet en uitgevoerd.  Doel van deze samenwerking was om met  gezamenlijke inspanningen 200 flexkrachten in de techniek op te leiden. Voor deze 200 leerlingen gaf STOOF een financiële bijdrage voor de mentorschapsbegeleidingvan € 800,- per leerling per jaar. OOM en A+O Metalektro financierden de reguliere bijdrage voor de technische leerbedrijven (inlener), waar de flexkracht geplaatst is. De 7 flexorganisaties die aan de pilot deelnamen t.w. Adecco,  DIT Bouw en Techniek, Maintec, Randstad, Start People, Tempo Team en Werk & Vakmanschap hebben in totaal 153 flexkrachten geplaatst en laten ingestroomd in een BBL-traject op niveau 2, 3 of 4  bij in totaal 98 A&O bedrijven en 44 OOM bedrijven. 

Met de pilot willen A&O, OOM en STOOF tevens de intersectorale samenwerking bevorderen en zij hebben gedurende en ter afsluiting van de pilot een kwalitatief onderzoek laten uitvoeren door ITS (onderdeel van de Radboud Universiteit) in Nijmegen.

 

De meerwaarde die door leerling/flexkracht, leerbedrijven/inleners en flexorganisaties werd ervaren, zijn:

 

Voor de leerling/flexkracht:

  • Meer kans op afmaken opleiding. De leerling-flexkracht krijgt een contract voor de duur van de opleiding, en hierdoor meer zekerheid. Indien een leerling tussentijds weg moet bij een leerbedrijf, zorgt de flexorganisatie voor doorplaatsing;
  • Meer en betere begeleiding. Hierdoor kunnen ouderen de opleiding beter aan maar ook voor overige leerling-flexkrachten is het gunstig.
  • Te laag gekwalificeerde jongeren krijgen een kans om ‘voorgeschoold’ te worden.

Voor de leerbedrijven (inleners):

  • Er worden meer en betere leerlingen geworven voor de metaalsector:
  • Flexorganisaties rekruteren leerlingen uit een breed aanbod;
  • Vooral de technische flexorganisaties weten wat voor leerlingen de bedrijven nodig hebben;
  • Flexorganisaties nemen een deel van de begeleiding over zodat er binnen de leerbedrijven capaciteit vrijkomt voor meer leerlingen;
  • ‘Zien opleiden doet opleiden’, er raken meer medewerkers geïnteresseerd in opleidingen;
  • De leerbedrijven worden ‘ontzorgd’ en dat werkt kostenbesparend;
  • Leerbedrijven kunnen de leerlingen een tijd op ‘proef’ nemen.

Voor de flexorganisaties:

  • Flexorganisaties hebben relaties met ROC’s opgebouwd, dit vergemakkelijkt in de toekomst het werven van leerlingen;
  • Flexorganisaties hebben extra mogelijkheden om zittende flexkrachten bij te scholen en zij-instroom te vergroten;
  • Flexorganisaties kunnen een breder (loopbaan-)perspectief bieden aan geschikte flexkrachten.

Er is onderzoek gedaan naar de resultaten van de pilot. Het onderzoeksrapport van ITS van december 2011 kunt u hier downloaden.

2010 Pilot Techniek 2010

Werkgevers in de metaalbewerking, metalektro en de flexbranche hebben de afgelopen jaren zware tijden doorgemaakt. De orderportefeuilles waren minder gevuld en ook de vraag naar flexkrachten was sterk teruggelopen. Ondanks dat deze sectoren nog steeds de effecten van de crisis voelen, kijken ze wel vooruit. Met name naar de beschikbaarheid van voldoende en goed opgeleide medewerkers voor de toekomst. Immers, vergrijzing en ontgroening zijn de grootste bedreiging als we economisch weer op volle toeren draaien.

Daarom zijn de opleidingsfondsen OOM,  A+O Metalektro en STOOF voor het tweede achtereenvolgende jaar een project gestart met als doel om vóór 1 oktober 2011 200 leerwerkbanen voor flexkrachten binnen de metaalbewerking en metalektro te creëren.

Dit project wordt uitgevoerd door 7 flexorganisaties die zich hiervoor hebben aangemeld, te weten: Adecco,  DIT Bouw en Techniek, Maintec, Randstad, Start People, Tempo Team en Werk & Vakmanschap.

Kijk op de eigen websites van de fondsen A+O Metalektro en OOM voor meer informatie.